Gastcolumn: Boodschappenlijstje, door Ingrid de Bruijn

Deze week kwam mijn zoontje van zeven thuis uit school. Heel trots zei hij tegen me, ‘weet jij wie de beste van de klas is met rekenen?’ ‘Juf’ zei ik. Leek mij een logisch antwoord. Verstoord keek hij me aan. ‘Juf? Hoe kom je daar nou bij? Natuurlijk niet, dat ben ik.’

Heel diep van binnen heb ik wel even een schietgebedje gedaan. Je mag er toch niet aan denken dat hij gelijk zou hebben. Want we hebben het wel over groep 4. Als een kind dan al beter is in rekenen dan zijn juf, hoe zal dat dan de rest van zijn periode op de basisschool moeten gaan?

Dat het onderwijs tegenwoordig te wensen overlaat, hebben we veelvuldig kunnen lezen. Toekomstige onderwijzers die niet kunnen rekenen of de Nederlandse taal niet goed beheersen schijnen er in overvloed te zijn. Toch zullen deze studenten binnen afzienbare tijd voor de klas staan om onze kinderen datgene bij te brengen wat ze zelf niet, of onvoldoende beheersen.

Ook met topografie hebben kinderen vaak moeite. Mijn oudste had hier een vreselijke hekel aan. Hij zag totaal het nut niet in van het leren van de diverse provincies met hun hoofdsteden. Met Europese landen had hij al helemaal niets op. Dat verandert toch om de paar jaar, was zijn mening. Waarom zou ik dat in hemelsnaam uit mijn hoofd leren. Voor je het weet hebben ze een van die landen opgedeeld in vijf zelfstandige staten, die dan ook nog eens allemaal mee willen doen aan het EK.

Gisteravond bewees hij zijn gelijk. ‘Weet je mam, toen voorzag ik al dat de Tom Tom er aan zat te komen.’ We probeerden hem nog even te pakken door te vragen dat als hij naar Haren moest hij zeker wist of hij de goede plaats zou vinden. Meneer is echter niet voor één gat te vangen. ‘Ja, dat lijkt me nou niet zo ingewikkeld. Wat dacht je van de postcode, als je die invoert in je Tom Tom lijkt het me stug dat je niet op de plaats van bestemming aankomt.’

Hetzelfde met schrijven. Dat doen ze in groep 4 nu ongeveer een jaar. Iedereen weet dat dit moeilijk is. Vorige week liet ik mijn jongste een boodschappenlijstje maken. Even checken of hij net zo goed kan schrijven als rekenen. Zijn schrijfkunst wil ik jullie niet onthouden.

bnaane, net zo krom geschreven als ze zijn

koekjes, ja die kent ie wel

kaas, kan niet veel fout aan

vlees, die wist hij

koola daarna veranderd in cola omdat er een fles voor zijn neus stond

fristie, valt mee gezien de hoeveelheid die hij consumeert.

apols, voor de taart, worden toch in stukken gehakt dus de spelling maakt niet meer uit

toomaat, komt in zijn lijstje toch nooit voor

ei omdat eieren een onbegonnen zaak was

kuukerol, tja

weecpier, begon haast te krijgen, moest zeker plassen

liemnaade, niet favoriet dat is wel duidelijk

Alleen nog even aan juf laten lezen. Nu maar hopen dat ze ziet dat er, wat zijn schrijfkunst betreft, nog een hoop werk aan de winkel is.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Scroll naar top