Gastcolumn: Thuisblijfmoeder, luizenmoeder en manager, door Ingrid de Bruijn

Lang geleden zag het leven van een huisvrouw er gestructureerd uit. Er werd niet buitenshuis gewerkt. Moeder stond om half zeven op, zette koffie en thee, dekte de ontbijttafel als ze dat de avond daarvoor al niet had gedaan. Ze waste zichzelf en kleedde zich aan. Daarna werden de kinderen gewekt en gewassen. De kleren lagen meestal klaar.

Vaak was de man des huizes al naar zijn werk vertrokken. Indien dit niet het geval was, werd gezamenlijk het ontbijt gebruikt, waarna ze lopend of op de fiets zelf naar school gingen. Van halen of brengen was in die tijd geen sprake. De kinderen gingen samen met broertjes, zusjes of buurkinderen. Soms was de school in de buurt, maar vaak ook vele kilometers verderop. Dan gingen ze met zijn allen op de fiets. Moeder ruimde de ontbijtboel op en had iedere dag in de week een vaste taak.

Zo was het op maandag wasdag. In ieder geval werden dan de bedden verschoond. Zelf houd ik het er op dat in ieder geval het ouderlijk bed werd verschoond, omdat er in het weekend tijd was om de echtelijke verplichtingen in bed te vervullen. Daarna wil je toch wel graag tussen de schone lakens liggen. Als ze dan toch bezig was met de bedden, werd de rest van de lakens ook meteen verschoond. Wie weet deed ze dit wel omdat de buren het dan niet konden zien als de lakens buiten gehangen werden dat ze “het” weer gedaan hadden. Een droger bestond immers nog niet in die tijd.

Dinsdag was marktdag. Woensdag gehaktdag. Op donderdag werd er gestreken. Vrijdag aten de katholieken vis. Op zaterdag kreeg je soep met brood, dat was een soort vrije dag voor moeder en op zondag ging iedereen naar de kerk. Vervolgens stond de kroeg op het programma. In ieder geval voor de mannen. Moeder zorgde dan voor een echte zondagse maaltijd.

Tussen de middag werd warm gegeten en ’s avond rond half zes kwam de broodmaaltijd op tafel. Daarna zorgde moeder dat de kinderen naar bed gingen, zette koffie voor vader die met de krant en zijn pantoffels op de bank ging zitten om uit te rusten van een dag hard werken.

Dan gaat het er tegenwoordig toch wel wat anders aan toe. Bijna geen thuisblijfmoeder heeft een vast programma. Iets wat moeilijk is met alle bezigheden die de rest van het gezin de hele week heeft. In bijna geen enkel gezin vertrekt iedereen gelijktijdig. Schooltijden van acht tot vier zijn verleden tijd. Zeker als de middelbare school in zicht komt. Op de meest uiteenlopende tijden gaan ze weg en komen ze thuis. Alleen of met een stel vrienden, om vervolgens de koelkast te plunderen. Aan het eind van de middag druppelt iedereen langzaam weer binnen om daarna op verschillende tijden het pand weer te verlaten. De een moet voetballen de ander zwemmen, tennissen, naar de sportschool, pianoles, schaatsen, dammen, schaken. Laat ik het zo zeggen. De jeugd van tegenwoordig heeft zoveel te doen of “moet” zoveel dat het voor een moeder steeds moeilijker wordt om het hele gezin elke dag op hetzelfde tijdstip aan tafel te krijgen.

Ze heeft geen vaste dag waarop ze wast, strijkt of boodschappen doet. Vaak is ze naast huismoeder ook nog voorleesmoeder, knutselmoeder, overblijfmoeder, luizenmoeder of weet ik veel wat voor moeder het schoolhoofd heeft verzonnen. Na school is ze taxichauffeur. Helaas is het tegenwoordig onmogelijk om jonge kinderen er alleen op de fiets op uit te sturen.

Het wordt als moeder steeds ingewikkelder om alles in goede banen te leiden. Al doe ik nog zo mijn best. Ben ik tijdelijk gestopt met werken om te proberen de boel goed onder controle te krijgen, echt lukken wil het nog niet helemaal. Waar we het op papier, met alle moderne gemakken van nu, een stuk eenvoudiger zouden moeten hebben, lijkt dat in de praktijk totaal niet te werken.

‘Gewoon een kwestie van plannen’, hoorde ik laatst iemand zeggen. Misschien heeft hij wel gelijk. Want daar zit vast het probleem: in de planning, zeker als niemand zich daar aan houdt.

Waar de vrouwen vroeger nog de titel huisvrouw hadden, noemen ze zichzelf tegenwoordig manager. Manager van een gezin, een fulltime baan. Inmiddels begrijp ik wel waarom. Als ze het thuis nou ook nog maar eens gaan begrijpen. Maar we kunnen het er natuurlijk ook op houden dat ik gewoon niet goed kan managen.

Artikelen die algemeen zijn, of ingezonden zijn door lezers van ons, maar niet door een vaste blogger, die staan verzameld onder 'MamsatWork'.

5 gedachten over “Gastcolumn: Thuisblijfmoeder, luizenmoeder en manager, door Ingrid de Bruijn”

  1. O, zo herkenbaar. Ik werk ook vanuit huis en merk dat je snel afgeleid kan zijn: van het werk, maar ook van de kids. Doordat er nu zoveel dingen door mijn hoofd spelen (werk, huishouden, opvoeding, activiteiten school + clubjes, eigen afspraken, sport/yogatijden, etc.) is het eigenlijk nooit rustig in mijn leven (en hoofd). Ik heb vaak het gevoel achter mezelf aan te rennen en dat terwijl ik coach voor moeders ben. Ik zou toch ‘moeten’ weten hoe ik het allemaal ’t beste kan regelen, maar helaas stap zelf ook nog vaak in de valkuil. Toch leer ik er elke keer weer van en heb ik met mezelf afgesproken om het dit jaar anders te gaan doen: meer rust te nemen, mijn werkuren te plannen zodat ik ook genoeg tijd overhoudt voor mijn gezin en meer werkzaamheden doen die mij ECHT wat opleveren (qua inkomsten, passie, voldoening, nieuwe klanten). En dat werkt tot nu toe heel goed. Zo ben ik supertopmanager van mijn eigen leven!

  2. Misschien is de reactie van Anita ook wel hetgeen waardoor ik geneigd ben om mij ideeën van vroeger bij te stellen.

    Voorheen (fulltime baan, 1 dag in de week thuis werken) vond ik mijn leven al ‘vol genoeg’ en had ik het idee dat thuisblijfmoeders het duidelijk makkelijker zouden hebben. Nu ik zelf thuis ben (en van huis uit werk) bemerk ik dat ik het veel lastiger vind om het ‘allebei’ goed te doen.

    Ik ben geneigd om continue aan het werk te zijn (doe ik graag) waarbij ik tussendoor ‘gestoord’ wordt omdat ik zoonlief van school moet halen, naar een vriendje moet brengen oid.

    Bij mijn fulltime werken in loondienst heb ik dit gevoel van haast nooit gehad (ja, even ochtend en avondspits), maar overdag had je je hoofd bij de zaken op het werk.

    Nu lijkt er meer tussentijdse afleiding te zijn, waardoor ik op het eind van de dag denk niet genoeg gedaan te hebben.

    Herkennen jullie dit?

    1. Als dat zo is, dan zijn moeders die en thuisblijven en thuiswerken supertopmanagers. Die combineren het zijn van thuisblijfmoeder en werkende vrouw zonder een pauze in te lassen, te kennen.

    2. Hier een mama uit de door Anita genoemde categorie super top managers… 🙂
      Dat ik mijn eigen tijd makkelijker in kan delen verlicht de zaken, maar ik kan me regelmatig zeer goed voorstellen waarom die scheiding van taken van oudsher zo bedacht is!

      Alleen zijn er vandaag de dag veel vrouwen die hun behoefte aan ontplooing en voldoening niet meer alleen binnenshuis en binnen het gezin kunnen vinden. Wie de pyramide van Maslow kent, snapt dat wij vrouwen tegenwoordig op jongere leeftijd alle basisbehoeften vervuld zien waardoor de behoefte aan zelfontplooing een grotere rol krijgt. Waren onze oma’s niet gewoon drukker met de basisdingen waardoor zij wellicht niet die innerlijke strijd voelden van rust willen in huis, tijd voor je gezin maar toch ook graag zelf je willen blijven ontwikkelen in een werksituatie?

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar top