Autoradio gejat, welkom in de administratieve molen

Stel je koopt een tweedehands Sony autoradio van marktplaats of een andere verkoopsite van tweedehands artikelen en er zit een cd in van Kids Zomerhits Top 100 deel 1 in. Wat denk je dan? Even de eigenaar bellen dat hij er een cd’tje in heeft laten zitten? Goede gedachte. Alleen… Dat cd’tje is van mij. Nou ja, de Sony autoradio is van mij en het cd’tje heeft mijn dochter van mij gekregen voor in de auto. Het is (oh nee, was) zo gezellig als ze meezingt in de auto. Ik rij dan heel ontspannen, zij zingt heel ontspannen en zo rijden we vrolijk naar huis.

Maar iemand heeft dat op een slechte donderdagnacht grondig verpest. Door simpelweg een ruitje in te tikken en de radio van ons weg te nemen. Voor een paar duiten, vermoed ik. De hele auto overhoop; de foliepakjes om je warm te houden bij ongelukken liggen op de bijrijdersstoel, het hamertje ligt onder de stoel en de vestjes vind ik terug in de achterbak. Donderdag lagen al deze spullen nog keurig in een zakje in mijn dashboardkastje. Ik zie de speen van mijn zoontje in zijn zitje liggen. Met een gevoel van smetvrees pak ik hem op en deponeer hem in de prullenbak. Het idee dat een vreemde zijn speen kan hebben aangeraakt… De rillingen lopen over mijn rug.

En dan moet je aangifte doen. Op het politiebureau, telefonisch of via internet. Ik kies voor de telefoon. Heel bewust. Ik hoef er de deur niet voor uit en heb toch een persoon van vlees en bloed aan de telefoon. Bij eventuele vragen kan ik direct terecht. Dat denk ik tenminste. Maar ik word handig doorverwezen naar het internet. Ga maar naar politie.nl/aangifte. Dat gaat een stuk sneller. Nou… Ik begin enthousiast aan het formulier. Na twee pagina’s en het gevoel bijna aan het einde te zijn van het formulier, krijg ik de volgende vraag:”Wat is de waarde van de schade?”. Nu heb ik werkelijk geen idee wat het vervangen van een autoruitje kost, dus ik vul een vraagteken in. FOUT. Fout? Je moet een bedrag invullen. Dan toch maar eerst de verzekering bellen. Het antwoordapparaat deelt me mee dat ik de hoofdverzekering moet bellen.

“Met de hoofdverzekering”.
“Goedenavond, mijn autoradio is gestolen en ik ben het aangifteformulier aan het invullen. Welk bedrag moet ik invullen voor het vervangen van een autoruit?”
“Dat kan ik u maandag pas vertellen mevrouw, maar ik zal u doorverbinden met de noodhulpdienst. Zij kunnen u vertellen wat het kost en zij weten of de verzekering de kosten dekt. Het glas wordt binnen 24 uur vervangen. U moet dan wel naar een glasreparateur die is aangesloten bij uw verzekering. Ga er dus vooral niet zelf op uit, want dan kunt u zelf voor de kosten opdraaien. Ik zal u even doorverbinden”.

“Met de noodhulpdienst”.
“Goedenavond, mijn autoradio is gestolen en ik ben het aangifteformulier aan het invullen. Welk bedrag moet ik invullen voor het vervangen van een autoruit?.
“Dat kan maandag pas mevrouw”.
“En het vervangen van de ruit?”
“Dat kan maandag pas mevrouw”.
“Dan hoop ik voor u en mij dat er in de tussentijd niet weer wordt ingebroken”.
“Hoezo?”.
“Nou, de ruit is stuk en een volgende kan nu gewoon zijn hand door de ruit steken om de deur te openen. Makkelijk zat”.
“Oh, dat had ik niet begrepen. Ik verbind u door met een noodmonteur”.

“Met de noodmonteur”.
“Goedenavond, mijn autoradio is gestolen en mijn ruit is stuk. Ik begrijp dat u de ruit kan vervangen en mijn kan vertellen wat het kost?”
“Ja, dan kan ik. Bent u in Alkmaar?”
“Ja”
“Dan is het het handigst als u even langskomt. Dan kom ik ook even langs”.
“Oké, tot zo”

Om half tien ‘s-avonds rij ik naar de glasreparateur. Gelukkig heeft hij net dat stuk glas op voorraad dat op mijn ruitje past. Met 10 minuten is de klus geklaard. Een stuk sneller dan al die administratieve rompslomp. Wat een gedoe voor zo’n klein radiootje. Bah.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Scroll naar top