Kinderlogica; over alles letterlijk nemen en hilarische uitspraken

Alles letterlijk nemen. Kinderlogica slaat soms alles en kinderen nemen vaak alles letterlijk. Ze horen nog niet aan de intonatie of je iets echt meent of niet en daar komt de leukste kinderpraat van. Sommige dingen zijn alleen leuk als je klein bent. Als een dreumes zich verstopt door alleen zijn handen voor zijn ogen te houden zeggen we altijd “oh-oh-oh waar zou hij toch zijn, ik heb geeeeen ideeee..” Oudere kinderen en volwassenen horen direct dat je dit niet echt meent. Het iets oudere broertje of zusje begrijpt echter niet dat je hem niet kan vinden en wil je oprecht helpen met je “zoektocht” naar zijn kleine broertje/zusje zegt. “hier is hij hoor!” . Haha, over kinderlogica gesproken.

kinderlogica
Stockfoto van vader en zoon door George Rudy

Kinderlogica en alles letterlijk nemen

Je merkt pas hoeveel je figuurlijk spreekt als je kinderen hebt en tegen de kinderlogica op moet. Want kleine kinderen nemen alles letterlijk. Dit kan zelfs tot een jaar of 7 duren. Nu heb ik ergens gelezen dat onderzoekers hebben onderzocht dat de Nederlandse taal heel veel gebruik maakt van gezegdes en uitdrukkingen. Meer dan andere landen. Ik twijfel daar eerlijk gezegd aan. Spreken Nederlands echt veel in de figuurlijke zin? Ik ben aan de ene kant bereid om de onderzoekers op hun blauwe ogen te geloven, maar sommige mensen vertrouw ik zover ik ze kan gooien. Die liegen dat het gedrukt staat. En dan heb ik wel een appeltje met ze te schillen als dat aan het licht komt hoor…

In de loop der jaren ben ik al diverse keren tegen de lamp gelopen met (achteraf) grappige reacties van de kinderen als gevolg van hun kinderlogica. Ik geef je wat voorbeelden.

Kinderlogica, zo redeneren kinderen

Als je lieve schat niet wil luisteren en je uit frustratie roept: “dat heb ik je al tien keer gezegd/gevraagd“. Reactie: “nee, hoor echt niet tien keer, hooguit drie keer hoor ” (dan verplaatst de discussie naar de vraag hoeveel keer ik iets gevraagd heb in plaats van dat de taak wordt uitgevoerd en je nog nog meer gefrustreerd raakt.)

Als je kind niet wil luisteren en je uit frustratie roept: “Als je dat nu niet doet, ben je nog lang niet jarig!” Reactie: “wat, ben ik nog lang niet jarig?! Ik wil zo graahaag snel jarig zijn…” gevolgd door dikke tranen. Tijd om je frustratie snel overboord te gooien en uitleggen dat je maar 1 keer per jaar jarig bent.

Tijdens een verkoudheid: “ach, is je neus verstopt?” “Reactie: “nee hoor, mijn neus is niet verstopt, hij zit gewoon hier” (wijzend naar zijn neus die onder het snot zit en zijn vinger nu ook)

De oudste heeft een losse tand die er bijna uitvalt. Hij lacht ergens hard om, en zijn tand valt er (eindelijk) uit: “je tand is eruit gevallen na het lachen“. Reactie van jongste zoon die voor het eerst ziet dat een tand eruit valt: (met grote ogen zijn hand razendsnel naar zijn mond geschokt) “mama ik ga nooit meer lachen, anders vallen mijn tanden er ook allemaal uit“.

Als je kind iets lang geprobeerd heeft: “wat goed van jou, dat heb je goed onder de knie“. Reactie: (kijkend naar zijn knie) “maar mama, ik heb toch niets onder mijn knie, alleen mijn been“.

En nog meer kinderlogica…

Tijdens een warme zomerdag: “je mag ook in je hemd lopen hoor“. Reactie: “dat is nog steeds te warm, mag ik ook in mijn buik lopen?” (waarna hij met bezweet hoofd snel zijn hemd uitdoet en met blote buik rond rent)

In een gesprek met mijn man: “ik ben niet op mijn achterhoofd gevallen hoor“. Reactie van kind die dit opving: “gelukkig mama, op je achterhoofd vallen kan veel pijn doen.” (gevolgd door een dikke knuffel dat zijn moeder deze pijn bespaard is gebleven)

Tijdens de voorlopige laatste sneeuwbui: “geniet nog even van de sneeuw, het is de laatste keer deze week“. Reactie: “logisch mama, het is al zondag, de week is al weer bijna voorbij.”

Een poging aan te geven dat er geen grenzen zijn in de mogelijkheden voor de toekomst: “jongens, weet dat jullie alles kunnen worden wat je wilt, je moet er alleen soms wel hard voor werken“. Reactie: “nee hoor mama, je kan niet alles worden. Ik kan geen huis worden of auto of bal of boom…” (en dat ging zo nog wel even door, mijn pedagogische punt werd totaal gemist)

In een poging cultuur bij te brengen: “papa, wij hebben vandaag in het museum Het Laatste Avondmaal van Leonardo da Vinci gezien“. Reactie: “nee, mama het was de laatste avondmaal van Jezus, niet van Da Vinci.” (tja, hij heeft goed opgelet, daar is geen speld tussen te krijgen…)

Nu weet ik (van mijn oudste) dat ook deze fase voorbij gaat. Het voeren van een gesprek wordt makkelijk en brengt dus een glimlach op mijn gezicht. Maar ik zal die kinderlogica toch wel gaan missen en lach dus ook een beetje als een boer met kiespijn.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here