Licht in het hoofd, door Ilse Annegarn

Ik zit rechtop, op een harde, houten kruk, terwijl zijn vingers zacht, bijna teder, mijn lichaam verkennen. Ik voel me dronken en duizelig, lichaam en geest zijn ver van elkaar verwijderd. Dit gevoel herinnert me aan ver verleden tijd, de periode van eerste verliefdheid. Hevig en de aarde op zijn kop zettend. Ik wil me volledig overgeven aan deze handen.

Dan stagneren de vingers. ‘Hier?” Zijn dwingende stem maakt dat ik mijn ogen open. ‘Ja, exact daar.’ Zijn greep wordt steviger en mijn duizeligheid neemt nu angstaanjagende vormen aan.

Ik heb het idee dat ik alle grip op mijn lichaam verlies, en word plots bang. Mijn kruk draait zonder dat ik mijn hem heb rondgedraaid. ‘Hoofd tussen de benen’, beveelt hij. Nu mijn hoofd omhoog heffen zou pure SM zijn, dus buk ik mijn hoofd en tuur ik braaf naar beneden totdat ik weer grond voel aan mijn voeten.

Een trilling van lucht en ik weet dat hij weg is. Verder weg nu, klinkt zijn stem. ‘Je zult rustig aan moeten doen’. Ik lach, bij wijze van antwoord, en weet dat mijn lach onecht is. ‘Nee, ik meen het. Je hebt een serieus probleem in je nek en daardoor word je waarschijnlijk steeds zo duizelig. ‘Sport je?” ‘Ja, ik badminton en ik fitness en….’ “Badminton? Dat betekent dat je de hele tijd je hoofd achterover moet gooien!”

“Nee hoor dokter, wij zijn niet zo goed, dus ik moet mijn hoofd vaker omlaag dan omhoog doen om shuttles te rapen’. ‘Tsja, daar zul je dus toch mee moeten stoppen, weet je, ik maak een lijstje voor je wat je beter niet meer kunt doen, oké?” Hij leest hardop voor wat zijn hand neerkrabbelt.

Tennis….golf…basketbal…darten….handboogschieten….zwemmen.

Ik word melig van zoveel sporten bij elkaar die niet meer mogen, en vraag lacherig welke sport ik nog wél mag beoefenen. Serieus antwoordt hij: ‘dammen en schaken, mits je voldoende ontspant tussen de zetten door’. Hij werpt zich met een ruk (hij heeft ontegenzeggelijk geen nekprobleem) weer op zijn lijst, en vervolgt.

Omhoog kijken, omlaag kijken, achterom kijken, autorijden, boodschappen in- en uitladen, hond uitlaten tenzij deze nooit aan de riem trekt, veters strikken, mensen kussen die groter zijn dan jijzelf, paaseieren zoeken, nee schudden…’

Dit gaat echt te ver. Ik leer net vaker nee te zeggen en daar zou ik nu alweer mee op moeten houden?  Ik begin nekamputatie te overwegen. Hoe kan ik in hemelsnaam leven zonder al die basale bezigheden te mogen uitoefenen?

Ik gris het blaadje uit zijn handen en ren de spreekkamer uit. Als ik bijna buiten ben, houdt de assistente me tegen. ‘De dokter vroeg me om je nog even te zeggen dat je ook vooral niet achter een computer mag zitten om te typen. Zit je wel eens achter een computer?

Haar woorden blijven in een constant tempo uit haar rode lippen druppelen, maar ik word opnieuw duizelig en kan van de woorden geen begrijpelijke taal meer maken. Haar woorden gaan over in gepiep. Ik schiet rechtovereind in mijn van zweet doorweekte bed. Onmiddellijk word ik bestraft door een aanval van duizeligheid.

6.31 zegt de wekker. Ik ben gelukkig ruim op tijd wakker voor mijn afspraak met de huisarts.

Hopelijk raadt hij me aan méér te gaan badmintonnen om de nekpijn te verminderen.

Wil je nog meer lezen van Ilse? Kijk dan hier

3 gedachten over “Licht in het hoofd, door Ilse Annegarn”

  1. Jeanne van Dijk

    Heel leuk stuk Ilse!
    Ik zat me af te vragen of het nou echt was of fictie….en toen zag ik het, het was een droom.

    Sterkte hoor met je nek!

    Liefs,
    Jeanne

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Scroll naar top