Reisblog: Ilse mist Jop….

Ilse reist alleen af naar China om haar oudste zoon te ontmoeten. Hij is er echter niet…

Als ik wakker word, hoor ik echte Kunming-stadsgeluiden. Het verkeer, mensen die buiten praten, de rare stemmetjes van de reclamebandjes die ze in de winkels op hebben staan. Een soort Donald-Duck stemmetjes, vind ik het. Bij het ontbijt neem ik heel stoer, een bak noedels met allerlei pittige ingrediënten. Het voelt wel prima, zo alleen in die grote eetzaal. Opvallend, hoe de paar Europeanen die voorbij lopen, direct oogcontact zoeken en me groeten. Als een soort van motorrijders onder elkaar: bonjour.

Daarna verlaat ik het hotel en spring in een taxi. Een stoere stadsjongeman stuurt me door het inmens drukke verkeer naar het busstation. Hij zwijgt en ik vind het prima. Zit lekker te kijken en maak foto’s van de nieuwetijdsstad die Kunming is. Veel hoogbouw, veel verkeer, snelwegen, daartussen oude verkrotte wijkjes, veel braakliggend terrein waar van alles gebouwd gaat worden. Vuil, smog, stof, stank.

In het busstation is het een kakafonie! Vol mensen, gekwaak en gedoe en geregel. Ergens in het gebouw ratelt een drilboor, het geluid wordt wel honderd keer versterkt doordat het een hoog stenen gebouw is. Dat die meiden hier kunnen werken, denk ik…. verbaasd aanschouw hoe ze stoïcijns achter de balie efficient hun werk doen.

Onverstoorbaar! Ook ik word efficiënt geholpen. Blijkt dat mijn bus al binnen tien minuten vertrekt. Weer ren ik als een blonde hinde met mijn oranje koffer op wieltjes door het busstation en vind met wat hulp de juiste bus. ‘Toch knap van mij’, denk ik zelfvoldaan, ‘uit al die tientallen bussen met alleen maar chinese opschriften’. Al snel tuffen we naar Dali. Onderweg is het mistig, dus het uitzicht is beperkt. Af en toe doemt er een dorpje op. Overal hangen maiskolven te drogen, een prachtig gezicht. De rijstvelden zijn leeg, er is geoogst. Op de bermpjes om de veldjes staan een soort kleine hutjes van stro. Geen idee waarom ze dat doen, maar het staat mooi.

Gelukkig staat er een fantastische film op onderweg: eentje over het chinese gevangenisleven. Met de minuut wordt de film geweldadiger. Een of andere Kung Fu held heeft het met iedereen aan de stok. Er wordt flink gehakt, er worden ingewanden uitgerukt, koppen afgesneden. Een slechterik laten ze struikelen en valt met zijn kop op een plank met grote spijkers. Heel rustig en stil zit iedereen naar die film te kijken. Mijn buurman eet ondertussen met smaak van zijn appeltje.

Na een uurtje of vijf zijn we er: Dali! Ik word meteen overgepakt door een ijverige driver, die me naar Old Town brengt. Daar ga ik eerst maar eens naar de Tibetan Lodge. De plek waar zoon Jop altijd vandaan belt en regelmatig verblijft. Hij is er niet. Dus ik laat me naar de kabelbaan richting Higherlander Inn brengen. Eenmaal in de kabelbaan realiseer ik me, dat dit een koddig gezicht moet zijn. Een Westerse dame, in pied de poule winterjas, met zonnebril, naast haar haar oranje koffertje, wiebelend in dat bakje naar boven. En ja hoor, als ik ’tegenliggers’  heb wordt er vrolijk geroepen en gezwaaid. ‘Hello’ roep ik naar ze.

Eenmaal bovengekomen, sta ik daar en denk: ’tja, en dan nu?’ Ik moet een kilometer een ongelooflijk steil bergpad op. Met koffer. En daar ga ik! Gedreven door het idee dat ik mijn zoon ga zien, vloeit er weer een super-energie door mijn verreisde lichaam en klim ik de berg op. Koffer bonkerdebonk achter me aan. Af en toe sta ik stil, puf uit, reguleer mijn ademhaling, want met de meter wordt het zwaarder. En vind ik ook nog de energie om een foto te maken van het prachtige uitzicht! Best stoer voel ik me! Dan ben ik er. In de hoofdruimte zie ik een groepje mensen om de kachel zitten, maar: geen Jop. Als ik binnenloop en zeg: ‘hallo, ik wil hier graag logeren en ik kom hier voor mijn zoon’, begint de groep te joelen! ‘Oh, you are Jobboh’s mamma!! Aaah! He’s not here!  He left a message for you.’ ‘Huh?’, denk ik. ‘Wat is dat nu? Is hij er niet?’  Ik ben echter te moe om er al te veel bij te voelen. Plof neer en drink mijn kop thee. Krijg daarna een prachtige kamer toebedeeld en installeer me.

’s Avonds geniet ik van het family-diner, eigen me een heerlijke rieten stoel toe bij de houtkachel, klets met de gasten, lees, teken en drink vele kopjes thee. Ik word verwend, merk ik. Ze zijn een beetje bezorgd, hoe dat nu zit. Komt Jobboh’s mom helemaal vanuit Nederland naar hier, is hij er niet. Ik laat foto’s zien van Jop en Koen. Gejoel onder de meiden! Ze vinden ze zo mooi! Ik glim van trots! Als later op de avond een gezelschap van artiesten arriveert, vragen die alle ruimte en tijd. Stilletjes kijk ik naar ze, terwijl ze eten en muziek maken. Ze bespelen chinese fluiten en trommelen. Even later gaat een paar van hen buiten jongleren met vuurbollen aan touwen. Ik geniet! Wat een geweldige avond! Maar ik voel me ook stilletjes worden, mis Jop en begrijp niet helemaal wat er nu mis is gegaan. Ineens voel ik me eenzaam en moe en ga naar mijn prachtige kamer. Duik mijn bed in, zeg de electrische deken op voluit en val in een diepe slaap.

Wil je de verhalen hiervoor ook nog lezen? Kijk dan hier

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Scroll naar top